Welkom bij Zuinigaan

Dit weblog gaat over bezuinigen, consuminderen en nog meer, want een mens is tenslotte meer dan alleen een consuminderaar, of zo je wilt een vrek. In '07 kocht ik mijn huis, in december 2018 word ik 66 jaar en mag ik met pensioen, want dan krijg ik mijn AOW. Ik heb een pensioengat van 20 jaar. Ik verkeek mij op de kosten van een koophuis en constateerde dat ik financieel vanaf mijn 66e jaar nogal krap zou komen zitten, vooral vanwege het pensioengat. Dus daar ging ik wat aan doen en op deze weblog vind je mijn berichten hierover.

donderdag 10 februari 2011

Boek: "Alle dagen schuld"

10/02/2011
Ik lees op dit moment het boek Alle dagen schuld (lees ook hier). Zoals de titel al aangeeft, gaat het over mensen die schulden hebben en over het werk van de (schuld) hulpverleners daaromheen etc. De verhalen spelen zich af in Twente, in Almelo.
Mensen, wat een uitzichtloosheid, wat een tranendal, deze verhalen van deze families die allemaal schulden hebben en allemaal een inkomen hebben rond bijstandsniveau. Vooral de uitzichtloosheid, het gebrek aan perspectief op een beter leven, hangt als een grauwsluier over de levens van deze mensen. De overlevingstactieken die deze mensen hebben doet mij heel erg denken aan de buren in de achterstandswijk waar ik lang gewoond heb. Daar heb je veel 2e en 3e generatie werklozen. Er zijn mechanismen aan het werk die zorgen dat mensen in de achterstandspositie blijven waar ze in geboren worden:
- Een uitkering is een recht. Als je moet gaan werken, heb je je strijd met de sociale dienst verloren.
- Korte termijn denken en van alles kopen bij postorderbedrijven omdat het kan.
- Niet reageren op aanmaningen etc. waardoor schulden snel oplopen.
- School is een noodzakelijk kwaad. Kinderen moeten naar school omdat je anders gedonder krijgt met een leerplichtambtenaar, niet om een opleiding te krijgen en wat te worden in de maatschappij, dat heeft voor hen niet gewerkt en dat zal voor hun kinderen ook wel niets worden.
- Kinderen zien veel criminaliteit, drugsgebruik en alcoholisme om zich heen, dat is in hun beleving normaal. Dat betekent dat ze daar ook sneller toe zullen overgaan dan andere jongeren.
Ik heb in mijn tijd dat ik in de achterstandswijk woonde, wel wat contact gehad met buren, maar niet diepgaand. Dat kwam omdat ik duidelijk niet één van hen was, ik hoorde er niet bij: hoogopgeleid, geen Groninger. Ik vind het knap van de schrijfster van het boek dat het haar gelukt is om zo veel verhalen en gegevens los te krijgen van de mensen die ze beschrijft, maar wat ze beschrijft stemt niet optimistisch over de toekomst. Het lijkt er op dat achterstand een niet uit te roeien fenomeen blijft dat in periodes van economische recessie alleen maar groter wordt en ook in tijden dat het beter gaat met de economie blijft bestaan.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen