Welkom bij Zuinigaan

Dit weblog gaat over bezuinigen, consuminderen en nog meer, want een mens is tenslotte meer dan alleen een consuminderaar, of zo je wilt een vrek. In '07 kocht ik mijn huis, in december 2018 word ik 66 jaar en mag ik met pensioen, want dan krijg ik mijn AOW. Ik heb een pensioengat van 20 jaar. Ik verkeek mij op de kosten van een koophuis en constateerde dat ik financieel vanaf mijn 66e jaar nogal krap zou komen zitten, vooral vanwege het pensioengat. Dus daar ging ik wat aan doen en op deze weblog vind je mijn berichten hierover.

vrijdag 13 maart 2015

Vroeger, ruim een halve eeuw geleden

Al veel vaker heb ik over vroeger geschreven en over mijn verbazing over alles wat er in de afgelopen decennia veranderd is en vooral ook het tempo waarmee dit gebeurde. De afgelopen weken las ik het boek "Gouden jaren" van Annegreet van Bergen. Ik leende het boek uit de bibliotheek. 
Zij noemt in haar boek dingen die voor mij zó gewoon waren, dat ik er in  mijn berichten niet over geschreven heb. Dit bericht is geen boekbespreking, maar mijn ervaringen naar aanleiding van haar boek.

Bijvoorbeeld over de telefoon. Tot 1962 kende ik het fenomeen telefoon helemaal niet. Mijn familie had geen telefoon, gewoon niemand. De communicatie ging schriftelijk, per brief, of mondeling. Toen mijn opa in 1960 in het ziekenhuis lag, omdat hij een zware hartaanval had gehad, toen fietste mijn oma in de stad Leeuwarden bij haar 3 kinderen langs en stond ze huilend bij ons aan de deur om het te vertellen. Niemand had telefoon, dus dat was dé manier. In "Gouden Jaren" schrijft Van Bergen over mensen die naar de buren gingen om te bellen. Onze buren hadden al evenmin telefoon, dus dat hielp niet.
Als we naar de huisarts moesten, dan gingen we naar het spreekuur. Er waren geen nummertjes, je vroeg wie de laatste was die binnengekomen was en je wachtte geduldig tot je aan de beurt was. Als we te ziek waren en de huisarts op visite moest komen, dan fietste mijn vader langs de huisarts en vroeg een visite aan.
In 1962 gingen we wonen in een bedrijfswoning die boven het bedrijf was waar mijn vader werkte. Daar was telefoon, omdat er buiten kantoortijd telefoontjes konden komen voor het bedrijf. Mijn vader werkte als hoofd van de exportafdeling. Ik kreeg de schrik van mijn leven toen ik op een avond, als 10 jarige, een Amerikaan uit Chicago aan de telefoon kreeg die een order door wilde bellen. Ik kende geen woord Engels! Niet zo raar als je bedenkt dat er op tv geen Engelstalige programma's waren.
Ook belden telefonistes om een telegram door te bellen. Hoe ging dat, zo'n telegram? Je stuurt vanuit een ver land een korte tekst en die wordt dan de volgende dag als brief afgeleverd. De tekst werd tevens telefonisch doorgegeven. De telefoniste spelde de veelal Engelse, maar soms ook Franse tekst en ik moest dat letter voor letter noteren.
Nu gebeurt dergelijke communicatie bijna 100% digitaal, maar bedrijven hadden toen nog geen computers.

Een ander voorbeeld: het salaris
Mijn vader kreeg in een papieren zakje zijn loon mee naar huis. Dat loon werd door mijn moeder op de cent nauwkeurig nageteld om te checken of het klopte.
Mijn ouders hadden geen verdeeldoos, maar wel een kasboek, waarin ze werkelijk alles noteerden.
Verdeeldoos
In de jaren 50 hadden ze geen bankrekening, wel een spaarbankboekje. Om geld op je spaarrekening te zetten, ging je met het geld naar de bank om dit geld op je spaarrekening te storten.


Nog een voorbeeld: tandzorg
Toen ik een kind was, waren er veel klasgenoten die nooit naar de tandarts gingen. Dat was waarschijnlijk voor veel mensen te duur. Mijn moeder, mijn broer en ik gingen wel en ik heb tot mijn 18e een volkomen gaaf gebit gehad. Op de lagere school kwam de schooltandarts langs. Er werd een bus bij de school geparkeerd en alle kinderen kwamen aan de beurt. Er werd geboord en gevuld dat het een lieve lust was. Ik hoefde na 1 keer niet weer terug te komen, aan mijn gebit was geen eer te behalen, dat was in orde. Klasgenoten waren heel erg bang voor deze tandarts, ik was heel blij dat hij mij niet onder handen hoefde te nemen!

En dan de tv: In 1962 zond de televisie 26 uur per week (!!) uit. En wat kon je ontvangen? Er was 1 zender, maar verder niet, wat later in de jaren 60, in 1964, kwam er een 2e zender bij. Daarvoor kocht mijn vader een speciaal kastje en met dat kastje kon je de andere zender kiezen. Keuze!
Wat een luxe was dat!
Maar let wel!
Tot 1967 waren de beelden in zwart-wit. Pas vanaf 1967 kwam de kleuren tv. Ik weet niet meer wanneer we in ons gezin een kleuren tv hebben aangeschaft. Onze eerste tv was gekocht in 1962, het heeft vast en zeker langer dan 5 jaar geduurd voordat deze tv kapot was en er een nieuwe aangeschaft moest/kon worden.

Vakanties: in Gouden Jaren lees ik dat heel veel Nederlanders in de jaren 50 niet op vakantie gingen. Dan waren wij toch wel bevoorrecht. We gingen tot mijn 7e ieder jaar een aantal weken naar de bossen. Mijn oom woonde vlak bij de Drentse bossen, hij was metselaar en hij had op zijn erf 4 zomerhuisjes gebouwd. Eenvoudige huisjes, zonder sanitair, maar wel met een keukentje. Het sanitair bestond uit 2 (stinkende) wc's achter het woonhuis van mijn oom en tante. Thuis wasten we ons bij de kraan of in de tobbe, en dat deden we dus op vakantie ook. Het was erg leuk in het zomerhuis van mijn oom en tante! Ik kon met mijn neef en nicht, die niet veel in leeftijd met mij verschilden, altijd heerlijk spelen en ook in de andere huisjes waren kinderen van dezelfde leeftijd om mee te spelen. Mijn ouders hadden hun fiets mee en ik heb daar leren fietsen op de fiets van mijn nichtje. Mijn vader had niet zo lang vakantie, die ging op zondagavond weer op de fiets (+ 60 km) naar huis om te gaan werken. Ik heb geen idee meer hoe we er kwamen. Misschien met de bus, misschien ook met op de fiets? Ik weet wel dat we daar altijd fietsten. Mijn broer en ik zaten we bij onze ouders achterop de fiets. Onze bagage werd in een grote groene kist met een scharnierend deksel door een vrachtrijder vervoerd. In witte letters stond op die kist de naam van mijn vader. Die vrachtrijder haalde de kist en misschien ook de fietsen van mijn ouders met een vrachtauto bij ons huis af en bracht deze spullen naar het huis van mijn oom en tante.
Later, toen mijn oom en tante niet meer in het bos woonden, gingen we naar Vlieland, in een tenthuisje. Ook daar hadden we die kist die naar het eiland gebracht werd. Wij gingen zelf met de trein en de boot naar Vlieland. Onze spullen werden voor een deel voor ons vervoerd.

14 opmerkingen:

  1. Ik vraag me wel eens af,hoe de wereld er over 50 jr uitziet. Zouden er ook zulke enorme veranderingen aankomen?

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Ik heb dat boek ook gelezen. Wat leuk om jouw ervaringen te lezen! Nou snap ik ook waarom iedereen zo bang was voor de schooltandarts!

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Paar jaar geleden 5000 dia's gescand voor mijn ouders. Leuk om te zien dat er van "nieuwe" dingen foto's worden gemaakt. Zo sta ik op een foto aan de telefoon en er was een foto van de TV in de kast ingebouwd. Oma en opa waar we naast woonden hadden het meeste vrij snel dus keken en belden we daar lang.

    De andere opa had voor een WK-voetbal voor die weken een grotere TV gehuurd.

    Mijn ouders hadden een boot en daar waren we elk weekend en 6 weken vakantie op. Met vakantie lagen we aan een eiland en werd vader door mij elke ochtend met een roeiboot naar de vaste wal gebracht en nam daar de scooter. Eind van de dag weer ophalen natuurlijk.
    Auto kwam pas is 1964 en zijn natuurlijk ook veel foto's van.

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Klopt! En mijn vader zei altijd dat het papier van zijn loonzakje van uien was gemaakt: als je er in keek, schoten de tranen je in de ogen! Ank.

    BeantwoordenVerwijderen
  5. heb dit boek kortgeleden gekregen van een nichtje. Ik ben van net na de oorlog en alles wat ik las kwam zo bekend voor. Ik ging echt terug in de tijd.
    Lidy

    BeantwoordenVerwijderen
  6. Ik weet nog dat mijn ouders pas halverwege de jaren zestig een wasmachine en een koelkast kochten, tevens kwam er toen een klein oventje. Voordien gingen wij altijd in de tobbe in de woonkeuken en werd de was nog gekookt en op het wasbord geschrobd en daarna uitgespoeld, door de wringer en opgehangen aan de waslijnen. Een fatsoenlijke badkamer kregen wij ook in het midden van de jaren zestig. Toen begon blijkbaar de welvaart voor velen en ook voor ons. Tot begin jaren zeventig werd alleen met een kolenkachel gestookt in de woonkamer, daarna overal cv in huis. Op het werk werd in de beginjaren nog met kaartenbakken gewerkt, daarna kwam de snelle opmars van de pc in de jaren tachtig en internet. Waterleiding werd in ons dorp ook pas begin jaren zestig aangelegd, eerst de economisch belangrijke gebieden. Alle elektriciteitskabels etc. zijn onder de grond gelegd in nederland tussen de jaren zestig en nu. Ik ben 50+ maar ook wij hebben Nederland zien veranderen in een welvaartsstaat met ongelooflijk veel veranderingen, zowel sociaal als economisch. Oh ja, vroeger was het heel gewoon dat de (groot)ouders bij de kinderen inwoonden en dat moeder de vrouw gewoon huisvrouw was.

    BeantwoordenVerwijderen
  7. Leuk item vandaag en voor mij geboren in 1951 o zo herkenbaar. Waar ik gelijk aan moest denken was de distributie radio die in het nieuwe huurhuis zat in 1967.
    Maar 4 knoppen waar een zender bij hoorde waarvan 1 met enkel klassieke muziek.
    Groet Nicole.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Oh, ja! Wij hadden toen ik heel klein was ook een distributieradio!

      Verwijderen
  8. ik ben van 64 en herken wel iets van je verhaal maar toch ook weer net niet. TV kregen wij pas in 70, telefoon was er al, salaris in een zakje ken ik niet, koelkast kwam er in 74/75 of zo maar een gasfornuis was er al eerder en we gingen altijd naar het buitenland op vakantie ( vanaf 69 ook naar landen als Bulgarije en Tjechie)

    BeantwoordenVerwijderen
  9. ..mijn ouders gingen nooit met vakantie. We gingen in de zomer een keertje naar de dierentuin en als het erg mooi weer was naar een zwemplas. Wel mochten we op kamp met de kabouters, gidsen of verkenners. Ik ben zelfs een keer naar een gymnastiekkamp geweest (in 1960)
    Wij hadden allemaal een saneringskaart. Je moest dan 2 keer per jaar naar de tandarts en dat werd op de kaart afgetekend. Vullingen waren dan 'gratis' (vergoed door ziekenfonds natuurlijk). In ons dorp was geen tandarts, wij fietsten naar het volgende dorp (10 km) In 1966 kregen wij een tv en ik was al getrouwd toen mijn ouders telefoon namen. Mijn partner was door de week niet thuis in de periode dat onze jongste geboren moest worden en toen het zover was ging ik naar de buren om te bellen (dat was in 1978) . Toen we later dat jaar naar Friesland verhuisden namen we ook telefoon alhoewel ik meer van brieven schrijven houd!

    BeantwoordenVerwijderen
  10. Heel herkenbaar allemaal, ik ben van 1953. Yasr

    BeantwoordenVerwijderen
  11. Ik heb écht genoten van dit stukje. Je weet het raak te schetsen! Fijn weekend!
    Hilde

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Ik ga morgen verder, dan kun je nog meer lezen over vroeger. Over school, sport, muziekles en vliegen.

      Verwijderen
  12. Toen onze zoon geboren moest worden in 1969 kregen we de sleutel van de buren om de telefoon te kunnen gebruiken voor de huisarts. Hij was taxichauffeur, daarom telefoon. Zelf hadden we telefoon in 1974. Tot 1966 jezelf wassen met een emmertje, toen verhuisden onze ouders en in het nieuwe huis zat een lavet.

    BeantwoordenVerwijderen